ECLI:NL:RBDHA:2021:12611
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken besluit in zin van Awb
AVH-Resource Management B.V. werd geconfronteerd met een loonvordering van het UWV op grond van artikel 66 van Pro de Werkloosheidswet. Het UWV verklaarde het bezwaar van de vennootschap tegen deze vordering niet-ontvankelijk omdat er geen sprake was van een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro. De vennootschap stelde dat het bezwaar ten onrechte was afgewezen en dat het UWV de behandeling van het bezwaar moest voortzetten.
De rechtbank oordeelde dat de loonvordering een civiele vordering betreft die het UWV via subrogatie van de voormalig werknemer heeft overgenomen. Dit is een privaatrechtelijke rechtshandeling en geen bestuursrechtelijk besluit. Daarom kon het bezwaar niet-ontvankelijk worden verklaard.
Daarnaast wees de rechtbank het beroep op het vertrouwensbeginsel af, ondanks dat het UWV in haar brief een rechtsmiddelenclausule had opgenomen. Dit veranderde het rechtskarakter van de vordering niet. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de loonvordering geen besluit in de zin van de Awb is en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk werd verklaard.