Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af..
Rechtbank Den Haag
Eiser, met Albanese nationaliteit, kreeg op 22 december 2020 een terugkeerbesluit met een inreisverbod van twee jaar en een maatregel van bewaring opgelegd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Eiser stelde beroep in tegen deze besluiten en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank oordeelde dat de gronden voor het terugkeerbesluit en de bewaring niet waren betwist en dat de mededeling over het recht op kosteloze rechtsbijstand niet volledig was, maar dat eiser hierdoor niet in zijn belangen was geschaad. Het beroep op disproportionaliteit van het inreisverbod werd verworpen omdat eiser bewust illegaal wilde doorreizen naar het Verenigd Koninkrijk.
Verder stelde eiser dat in het detentiecentrum Rotterdam de vereiste strikte scheiding tussen vreemdelingen in bewaring en strafrechtelijk gedetineerden niet werd nageleefd. De rechtbank volgde dit niet, mede gelet op eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en het ontbreken van concrete aanwijzingen.
Ten slotte werden de klachten over het gebruik van een beëdigd tolk en het niet uitreiken van het informatiebulletin verworpen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: De beroepen tegen het terugkeerbesluit, inreisverbod en bewaring worden ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.