ECLI:NL:RBDHA:2021:11010
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot dwangakkoord wegens onvoldoende duidelijkheid en gebrekkig schuldhulptraject gemeente Delft
Verzoekers hebben een verzoek ingediend tot dwangakkoord op grond van artikel 287a Faillissementswet, nadat zij een schuldregeling hadden aangeboden die door de Belastingdienst was geweigerd maar door andere schuldeisers was aanvaard. De rechtbank constateert dat het voorstel ruim tweeëneenhalf jaar oud is en onvoldoende duidelijkheid biedt over de fixatiedatum en de actuele schuldenlast.
Tijdens de zitting bleek dat het schuldhulptraject bij de gemeente Delft ernstig vertraagd en gebrekkig was, met meerdere schuldhulpverleners en onduidelijkheid over de voortgang en het spaarsaldo. De rechtbank acht het voorstel daardoor niet betrouwbaar en concludeert dat de weigering van de Belastingdienst redelijk is.
Verzoekers handhaven het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP), waarop een afzonderlijk vonnis zal volgen. De rechtbank benadrukt het gebrek aan vertrouwen in een nieuw minnelijk traject via de gemeente Delft.
De rechtbank wijst het verzoek tot dwangakkoord af en adviseert een nieuw, transparanter schuldhulptraject te starten. Tegen deze uitspraak kan binnen acht dagen hoger beroep worden ingesteld, mits ook hoger beroep wordt ingesteld tegen het samenhangende WSNP-verzoek.
Uitkomst: Verzoek tot dwangakkoord wordt afgewezen wegens onvoldoende duidelijkheid en gebrekkig schuldhulptraject.