ECLI:NL:RBDHA:2020:978
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring herhaalde asielaanvraag uit Uganda
Eiser, een Ugandese nationaliteit dragende persoon, diende een herhaalde asielaanvraag in na eerdere afwijzing wegens ongeloofwaardigheid van zijn homoseksuele gerichtheid. Hij stelde nieuwe feiten en omstandigheden, waaronder een relatie met een man en een arrestatie van zijn moeder vanwege zijn vermeende seksuele geaardheid.
De staatssecretaris verklaarde de aanvraag niet-ontvankelijk op grond van het ontbreken van relevante nieuwe feiten. De rechtbank toetste dit en concludeerde dat de overgelegde stukken onvoldoende waren om de eerdere beoordeling te herzien. De relatie en de activiteiten bij het COC werden niet als nieuwe geloofwaardige feiten aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat de aanvraag terecht niet-ontvankelijk werd verklaard en dat er geen sprake was van een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de herhaalde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.