Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
[handelsnaam]bleek te staan [143] , maar ook een voertuig met [kenteken 44] , waarvan het handelskenteken eveneens op naam van
[handelsnaam]bleek te staan. [144] In dit voertuig bleken twee voorstoelen en een achterbank gemonteerd, welke van fabriekswege werden gemonteerd in een als ontvreemd gesignaleerde personenauto met [kenteken 17] . [145] Van dit voertuig werd de elektrische bekabeling aangetroffen in de garagebox van perceel [adres 2] . [146] Dit komt overeen met de verklaring van de verdachte tegenover de verbalisant, inhoudende dat de reparaties in de andere garagebox, op nummer [adres 2] , plaatsvonden. De verdachte was ook in het bezit van de sleutels van twee andere personenauto’s die in deze garage stonden. [147]
‘‘Heb jij toevallig zo n [… 5] sticker of iets in die richting Voor onder op de ruit van de achterklep waar gevijld is.’’ [164] De verklaring van de verdachte tijdens de terechtzitting van 4 september 2020 dat hij zich dit niet kan herinneren en niet meer weet waar dit op ziet, acht de rechtbank onaannemelijk.
- de verdachte heeft bij een controle in de garage op [adres 1] op 28 augustus 2016 verklaard samen met [medeverdachte 1] schadevoertuigen te importeren en te repareren, om deze vervolgens via Marktplaats door te verkopen;
- de op 30 of 31 augustus 2016 gestolen Renault Mégane is op 1 september 2016 aangetroffen op de [adres 1] in Den Haag. De stickers aan de zijkant van deze auto en de kentekenplaat aan de voorzijde van de auto zijn op dat moment al verwijderd en in de kofferbak van dit voertuig bevonden zich valse kentekenplaten. [medeverdachte 2] bevond zich op het moment dat de politie de garage in kwam in de auto, terwijl [medeverdachte 1] (valse) kentekenplaten aan het maken was;
- op 20 december 2017 wordt aangifte gedaan van de diefstal van een witte Audi S5 cabriolet. Uit informatie van het track & trace systeem bleek dat de auto op de [adres 1] te Den Haag stond. Diezelfde dag heeft de politie in de garagebox op [adres 2] verschillende onderdelen van een witte Audi S5 aangetroffen, evenals een tweetal autosleutels van een Audi S5. De verdachte was samen met [medeverdachte 4] op dat moment aan het werk in de garagebox;
- in de (vele) WhatsApp berichten tussen de verdachte en [medeverdachte 4] wordt onder meer een bericht aangetroffen waarin de verdachte [medeverdachte 4] vraagt om een [… 5] sticker, om zo een weggevijld identificerend kenmerk te verhullen;
- de verdachte verhuurde zijn vrachtwagen, welke klaarblijkelijk gebruikt werd voor het vervoer van auto-onderdelen afkomstig van gestolen voertuigen, aan [medeverdachte 3] ;
- in de loods en container van [medeverdachte 3] worden auto-onderdelen aangetroffen van gestolen voertuigen, waarbij van diezelfde gestolen voertuigen ook onderdelen zijn aangetroffen in de garagebox van de verdachte. De verdachte blijkt zelf regelmatig in Ter Aar te zijn en heeft veelvuldig contact met [medeverdachte 3] .
1 april 2014tot en met 20 december 2017, in het arrondissement
‘s-Gravenhage, tezamen en in vereniging met anderen, een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers hebben verdachte en zijn mededaders een grote hoeveelheid auto-onderdelen, zoals nader aangeduid in de bijgevoegde lijst, welke lijst onderdeel uitmaakt van deze te
nlastlegging, verworven
en/ofvoorhanden gehad en/of overgedragen, terwijl hij en zijn mededaders ten tijde van het verwerven en/of het voorhanden krijgen van voornoemde auto-onderdelen wisten dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
schade;
vervoer;
vervangend vervoer, inhoud brandstoftank;
8.De schadevergoedingsmaatregel
9.De inbeslaggenomen goederen
10.De toepasselijke wetsartikelen
11.De beslissing
ten aanzien van feit 1tot:
43 (drieënveertig) maanden;
5 (vijf) jaar;
ten aanzien van feit 1verbeurd de op de beslaglijst onder 720, 721, 772 tot en met 776, 780 tot en met 789, 791, 792, 839, 843, 1001, 1023, 1026 en 1027 genummerde voorwerpen;
ten aanzien van feit 2verbeurd de overige op de beslaglijst genummerde voorwerpen, met uitzondering van de onder 790, 793 en 794 vermelde voorwerpen;