ECLI:NL:RBDHA:2020:7462
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen, omdat op grond van de Dublinverordening Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling.
De rechtbank heeft het beroep buiten zitting behandeld en overweegt dat verweerder uit mag gaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Frankrijk. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Frankrijk zijn internationale verplichtingen niet zal nakomen of dat hij in Frankrijk geen opvang of rechtsbijstand zal krijgen. Verwijzingen naar rapporten en klachten zijn niet voldoende onderbouwd.
De rechtbank oordeelt dat geen sprake is van indirect refoulement of een situatie die strijdig is met artikel 3 EVRM Pro of het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat eiser in Frankrijk in vreemdelingenbewaring zal worden gesteld zonder naleving van Europese richtlijnen.
Het beroep wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard en het bestreden besluit is voldoende gemotiveerd en zorgvuldig tot stand gekomen. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.