Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
zaaknummer: NL20.12474
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel. Verweerder erkent de overschrijding van de beslistermijn en beroept zich deels op overmacht door de coronacrisis voor de periode van 16 maart tot 16 mei 2020.
De rechtbank volgt dit standpunt maar constateert dat verweerder na afloop van de overmachtsperiode niet binnen twee weken een besluit heeft genomen, waardoor de maximale bestuurlijke dwangsom is verbeurd. Gezien de capaciteitsproblemen en de coronacrisis acht de rechtbank een afwijkende beslistermijn van zestien weken redelijk, met een maximale termijn van 21 maanden conform Europese richtlijnen.
De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op voor elke dag dat verweerder de termijn overschrijdt, met een maximum van €7.500. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser. De uitspraak is gedaan door rechter A.P. Hameete, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, dwangsom vastgesteld en verweerder opgedragen binnen zestien weken alsnog een besluit te nemen.