ECLI:NL:RBDHA:2020:6031
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering asielaanvraag wegens Dublinverordening ondanks coronavirusrisico
Eiser, afkomstig uit Syrië, diende op 15 november 2019 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Frankrijk volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Nederland vroeg Frankrijk om overname, wat werd goedgekeurd.
Eiser betoogde dat vanwege het coronavirus de overdracht niet kan plaatsvinden zonder een onaanvaardbaar besmettingsrisico, en dat dit een schending van artikel 3 EVRM Pro oplevert. De rechtbank stelde vast dat alle Dublinoverdrachten naar Frankrijk tijdelijk zijn opgeschort vanwege de pandemie, maar dat dit een tijdelijk feitelijk beletsel is en de vaststelling van Frankrijk als verantwoordelijke lidstaat niet onrechtmatig maakt.
De rechtbank oordeelde dat het risico op besmetting niet specifiek hoger is door overdracht naar Frankrijk en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij in Frankrijk geen adequate medische zorg kan krijgen of dat er sprake is van structurele tekortkomingen die een schending van mensenrechten opleveren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.