ECLI:NL:RBDHA:2020:5892
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag op grond van veilig derde land Costa Rica
Eiseres, een Nicaraguaanse vrouw, vluchtte in juni 2018 vanwege bedreigingen door haar betrokkenheid bij de oppositie tegen de Nicaraguaanse regering. Haar asielaanvraag in Nederland werd niet-ontvankelijk verklaard omdat Costa Rica als veilig derde land werd aangemerkt. Eiseres betoogde dat zij niet tijdens haar vlucht in Costa Rica verbleef en dat haar gezinsleden in Nederland wonen, wat haar band met Costa Rica zou ondermijnen.
De rechtbank oordeelde dat het begrip veilig derde land niet vereist dat de vluchteling tijdens de vlucht in dat land aanwezig is geweest. Eiseres had jarenlang legaal in Costa Rica gewoond, gewerkt en een gezinsleven gehad, wat een voldoende band vormt. Het verblijf van haar gezinsleden in Nederland was niet relevant voor de beoordeling van haar persoonlijke band met Costa Rica.
Verder stelde eiseres dat zij geen toegang meer had tot Costa Rica, omdat haar verblijfsrecht was verlopen en zij een antecedentenverklaring uit Nicaragua nodig zou hebben. De rechtbank vond dat verweerder aannemelijk had gemaakt dat eiseres opnieuw toegang kan krijgen, onder meer omdat zij in juni 2018 nog een visum voor Costa Rica had verkregen.
De rechtbank concludeerde dat de asielaanvraag terecht niet-ontvankelijk is verklaard en wees het beroep af. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag omdat Costa Rica als veilig derde land geldt.