ECLI:NL:RBDHA:2020:5731
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en coronavirus
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Spanje volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. De rechtbank hield de zitting via een Skype-verbinding vanwege coronamaatregelen, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet verschenen.
Eiser stelde dat hij niet zorgvuldig is gehoord, dat hij onvoldoende gelegenheid had om het gehoorverslag te corrigeren, en dat de Spaanse opvang en medische zorg onvoldoende zijn, mede onderbouwd met rapporten en persoonlijke omstandigheden. Tevens voerde hij aan dat overdracht vanwege het coronavirus niet passend is.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zorgvuldig heeft gehandeld, dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt ten opzichte van Spanje, en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat bijzondere omstandigheden een uitzondering rechtvaardigen. Ook achtte de rechtbank het opschorten van Dublinoverdrachten vanwege corona geen reden om Nederland verantwoordelijk te stellen.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de rechtbank zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter Reijnierse en griffier Zwijnenberg en zal, zodra mogelijk, in het openbaar worden uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.