Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiseres
[naam 2],
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Italië verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling. Tijdens de procedure is gebleken dat eiseres met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact meer onderhoudt met haar gemachtigde.
De rechtbank heeft vastgesteld dat eiseres geen rechtens te beschermen belang meer heeft bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep, omdat zij niet langer prijs stelt op de aanvankelijk gezochte bescherming in Nederland. Dit volgt uit de melding van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers dat eiseres het asielzoekerscentrum heeft verlaten en de verklaring van haar gemachtigde over het ontbreken van contact.
Gelet op deze omstandigheden verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. De rechtbank verwijst tevens naar een gerelateerde uitspraak over de overdracht van kwetsbare vreemdelingen aan Italië. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiseres met onbekende bestemming is vertrokken en geen belang meer heeft bij beoordeling.