ECLI:NL:RBDHA:2020:2419
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag en boete motorrijtuigenbelasting voor buitenlandse auto in Nederland
Eiser, ingeschreven in de Basisregistratie Personen te Nederland, maakte gebruik van een auto met een Pools kenteken op Nederlandse wegen. Verweerder legde over de periode van vijf jaar een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting (MRB) en een verzuimboete op wegens het niet betalen van MRB.
Eiser voerde aan dat de auto wel van hem was, maar niet in Nederland ter beschikking stond, omdat zijn in Polen woonachtige partner en familie de auto gebruikten. Ook stelde hij dat de boete moest vervallen wegens afwezigheid van schuld en verweerde zich tegen schending van het evenredigheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet slaagde in het leveren van tegenbewijs dat de auto niet in Nederland ter beschikking stond gedurende de naheffingsperiode. De overgelegde verklaringen en documenten waren onvoldoende concreet en niet ondersteund door verifieerbaar bewijs. De naheffingsaanslag en boete zijn daarom terecht opgelegd. De rechtbank vond ook geen schending van het evenredigheidsbeginsel en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag en boete motorrijtuigenbelasting wordt ongegrond verklaard.