Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
Rechtsmiddel
Bijlage:
Na verblijf als slachtoffer of slachtoffer-aangever van mensenhandel
Rechtbank Den Haag
Eiseres, van Kameroense nationaliteit, diende een aanvraag in tot wijziging van haar verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd naar een humanitair niet-tijdelijk verblijfsdoel, naar aanleiding van een aangifte mensenhandel in 2017. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid trok haar verblijfsvergunning in en wees de aanvraag af wegens gebrek aan klemmende humanitaire redenen.
De rechtbank constateerde dat de verklaringen van eiseres over haar ontsnapping uit het huis waar zij werd vastgehouden tegenstrijdig waren, wat de geloofwaardigheid van haar mensenhandelrelaas aantastte. Daarnaast gaf eiseres onvoldoende concrete informatie over de persoon [A], het huis en de locatie waar zij werd vastgehouden.
Hoewel de rechtbank erkende dat een enkele tegenstrijdigheid niet per definitie ongeloofwaardigheid betekent, vond zij de combinatie van tegenstrijdigheden en summiere informatie onvoldoende om aan te nemen dat eiseres slachtoffer was van mensenhandel. Ook waren er geen bijzondere individuele omstandigheden die haar verblijf in Nederland rechtvaardigden.
De rechtbank wees het beroep van eiseres af en verwierp het verzoek om een voorlopige voorziening. Tevens werd eiseres vrijgesteld van griffierechten wegens betalingsonmacht. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter M.P. Glerum op 30 november 2020.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag tot wijziging van het verblijfsdoel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.