ECLI:NL:RBDHA:2020:13448
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning proceskostenvergoeding wegens overschrijding beslistermijn in vreemdelingenzaak
Verzoekster is op 14 april 2020 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op haar aanvraag. Pas op 21 juli 2020 nam verweerder alsnog een beslissing. Hierop trok verzoekster het beroep in en verzocht de rechtbank om proceskostenvergoeding.
De rechtbank oordeelt dat verweerder de proceskosten moet vergoeden omdat de beslissing pas na het instellen van beroep is genomen, wat een overschrijding van de beslistermijn betekent. Omdat verzoekster een professionele juridische hulpverlener inschakelde en de zaak alleen over de overschrijding van de beslistermijn ging, wordt een lager bedrag toegekend volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De vergoeding bedraagt €262,50. De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van dit bedrag aan verzoekster. De uitspraak is gedaan door rechter Y. Sneevliet en griffier S.M. Bakker, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van €262,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn.