Uitspraak
Gezag en verdeling van de zorg- en opvoedingstaken c.q. omgang
Beschikking op het op 21 februari 2020 ingekomen verzoek van:
[X] ,
[Y] ,
Procedure
- het verzoekschrift van de moeder;
- het F9-formulier van 21 maart 2020 van de moeder, met bijlagen.
- de moeder, bijgestaan door mr. S. Salhi en mevrouw [naam tolk] als tolk in het Arabisch-Egyptisch;
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
- mevrouw [medewerkster RvdK] namens de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad).
Feiten
- Partijen zijn met elkaar gehuwd geweest van [datum huwelijk] 1999 tot [datum echtscheiding] 2018.
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2003 te [geboorteplaats 1] ;
- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2005 te [geboorteplaats 1] ;
- [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2009 te [geboorteplaats 2] , Egypte.
- De ouders oefenen gezamenlijk het gezag over de kinderen uit.
- Bij beschikking van [beschikkingsdatum] 2017 van deze rechtbank is – voor zover van belang – de echtscheiding tussen de ouders uitgesproken, is bepaald dat het aangehechte ouderschapsplan van 14 augustus 2017 deel uitmaakt van de beschikking en is bepaald dat de vader aan de moeder een kinderalimentatie van € 75,- per kind per maand moet voldoen.
- In het ouderschapsplan van 14 augustus 2017 zijn de ouders – voor zover van belang – het volgende overeengekomen:
- Artikel 1.1: ‘de ouders achten het in het belang van de kinderen dat zij na de echtscheiding gezamenlijk het ouderlijk gezag over hen blijven uitoefenen.’
- Artikel 2.1: ‘de kinderen zullen hun hoofdverblijf bij de moeder hebben en op haar adres in de Basisregistratie Personen van de gemeente ingeschreven staan.’
- Artikel 3.1: ‘de ouders komen met betrekking tot de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken overeen dat de kinderen eens in de twee weken het weekend en in de schoolvakanties zo vaak als zij daar behoefte aan hebben bij de vader zullen verblijven.’
- Artikel 3.2: ‘de ouder bij wie de kinderen op dat moment zijn, brengt de kinderen naar de andere ouder wanneer er gewisseld moet worden.’
Verzoek en verweer
- de moeder voortaan met eenhoofdig gezag over de kinderen zal worden belast;
- de zorg- c.q. omgangsregeling, zoals vastgesteld bij voornoemde beschikking, zal worden gewijzigd in die zin dat de vader wordt ontzegd om omgang te hebben met de kinderen dan wel dat de zorg- c.q. omgangsregeling wordt geschorst voor (on)bepaalde tijd,
Beoordeling
Beslissing
- [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2003 te [geboorteplaats 1] ;
- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2005 te [geboorteplaats 1] ;
- [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2009 te [geboorteplaats 2] , Egypte;