ECLI:NL:RBDHA:2020:11129
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij schizofreniespectrumstoornis
De rechtbank Den Haag behandelde het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan een schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Betrokkene verblijft sinds februari 2020 in begeleid wonen en streeft naar meer zelfstandigheid, waarbij hij vrijwillig meewerkt en medicatie gebruikt, maar niet altijd medicatietrouw is.
De casemanager benadrukte het belang van dagbesteding om stemmen en invloeden die de gedachtegang verstoren te verminderen. Gezien het ontbreken van passende vrijwillige zorg en het risico op ernstig nadeel bij medicatiestop, achtte de rechtbank verplichte zorg noodzakelijk. De zorgmachtiging omvat diverse maatregelen, waaronder medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, toezicht, en opname in een accommodatie indien nodig.
De rechtbank concludeerde dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn, dat de voorgestelde zorg evenredig en effectief is, en dat voldaan is aan de criteria van de Wvggz. De machtiging geldt tot 1 april 2021. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging tot 1 april 2021 voor verplichte zorg aan betrokkene met schizofreniespectrumstoornis.