Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
(…)
doet iets met het slot van de hoofdingang. Verlaat vervolgens het pand.
(…) Vandaag op 25 april 2019 bevond ik mij in mijn woning gelegen aan de [adres 2] te Den Haag. (…) Ik woon zelf op kamernummer 66, deze kamer is gelegen op de tweede verdieping van het pand. (…) Ik hoorde op de gang ineens geschreeuw. (…) Ik hoorde een mannenstem schreeuwen, het klonk, als een pijnkreet. (…) Ik zag op de gang 3 a 4 jongens. (…) Ik zag dat ze allemaal een soort sjaal voor hun gezicht droegen op 1 jongen na. (…)
(…) De persoon Foto 4: persoon met zwarte schoenen, grijze broek, zwarte gewatteerde jas met bontkraag, zwart petje met wit opschrift op foto 4 en de persoon Foto 5: persoon met zwarte schoenen, grijze broek, zwarte gewatteerde jas met bontkraag, zwart petje met wit opschrift op foto 5 herken ik als:
henvoorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen geld en/of goederen van hun gading, toebehorende aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan die [medeverdachte] en/of die onbekend gebleven personen, en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer] , te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, met zijn mededaders
zijngericht op [slachtoffer] en/of
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
22 (tweeëntwintig) maanden;