ECLI:NL:RBDHA:2019:6930
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vertrek met onbekende bestemming bij asielaanvraag
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, diende op 12 februari 2019 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris weigerde de aanvraag in behandeling te nemen omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublin-verordening.
Tijdens de procedure bleek dat eiser op 6 juni 2019 met onbekende bestemming was vertrokken en niet meer verscheen voor verplichte gesprekken. De gemachtigde van eiser had sinds 14 mei 2019 geen contact meer en wist niet waar eiser verbleef.
De rechtbank oordeelde dat eiser kennelijk geen prijs meer stelt op de behandeling van zijn beroep, waardoor het procesbelang is komen te vervallen. Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen prijs meer stelt op behandeling.