Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 april 2019 in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Amayryvan het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ EU) van 13 september 2017 (ECLI:EU:C:2017:675), in het bijzonder naar de overwegingen 31, 41, 45, 48 en 55 tot en met 58. Gelet op het doel en de context van de Dublinverordening, moet het indienen van een asielaanvraag worden beschouwd als een bezwaar of beroep tegen het overdrachtsbesluit, zoals bedoeld in artikel 27, derde lid, van de Dublinverordening. Door een asielaanvraag in te dienen, uit de vreemdeling immers zijn bezwaren tegen de overdracht.
Amaury, waarin het HvJ EU bijvoorbeeld in overweging 31 overweegt dat de mogelijkheid om de betrokkene, onder bepaalde voorwaarden, in bewaring te houden, zoals artikel 28, tweede lid, van de Dublinverordening verduidelijkt, tot doel heeft de overdrachtsprocedures veilig te stellen door te voorkomen dat deze persoon onderduikt en zich aldus onttrekt aan de uitvoering van een eventueel ten aanzien van hem genomen overdrachtsbesluit.