ECLI:NL:RBDHA:2019:1876
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen naheffingsaanslag omzetbelasting niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen een naheffingsaanslag omzetbelasting over het jaar 2011, die door verweerder op 24 december 2016 is opgelegd. Het bezwaar werd echter niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn. Eiseres stelde dat zij de naheffingsaanslag niet had ontvangen en betwistte de ontvankelijkheid van het bezwaar.
Verweerder heeft aannemelijk gemaakt dat de naheffingsaanslag op 22 december 2016 naar het juiste adres is verzonden, zoals bekend bij de Belastingdienst en de Kamer van Koophandel. Eiseres heeft geen concrete feiten gesteld die de ontvangst van de aanslag redelijkerwijs kunnen betwijfelen.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaar te laat was ingediend en dat geen uitzonderingen van toepassing zijn die de niet-ontvankelijkheid zouden opheffen. Daarom is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en is het beroep van eiseres ongegrond.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 21 februari 2019.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de naheffingsaanslag is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.