Uitspraak
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, werd aansluitend op een strafrechtelijke aanhouding in bewaring gesteld op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet. Eiser voerde aan dat de bewaring onrechtmatig was omdat de termijn van tien dagen voor zelfstandige terugkeer naar Frankrijk nog niet was verstreken.
De rechtbank stelde vast dat voor een inbewaringstelling op grond van artikel 59a Vw niet vereist is dat voorafgaand een overdrachtsbesluit is genomen. Verweerder had op 6 november 2019 een beslissing genomen die ook als overdrachtsbesluit geldt, zodat voldoende aanknopingspunten voor bewaring aanwezig waren. De termijn voor zelfstandige terugkeer was nog niet verstreken, maar dit maakte de bewaring niet onrechtmatig.
De rechtbank nam mee dat verweerder binnen de vertrektermijn niet actief naar eiser had gezocht, maar dat eiser aansluitend aan zijn strafrechtelijke aanhouding in bewaring werd gesteld. Eiser was op de hoogte van de afwijzing van zijn asielaanvraag en de terugkeerplicht, maar stelde een voorwaarde aan zijn vertrek, wat duidde op een risico op onderduiken.
De rechtbank verwierp het beroep en het verzoek om schadevergoeding, en oordeelde dat de gronden voor bewaring voldoende waren gemotiveerd en voldeden aan de wettelijke vereisten.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.