Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 14 november 2019 in de zaak tussen
[eiseres] , gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
20 juni 2014 (ECLI:NL:HR:2014:1463) heeft geoordeeld, dient de vraag of de verwerving van rechten op de levering van aandelen voor de toepassing van artikel 32bb, (thans) zesde lid, van de Wet LB op gelijke wijze moeten worden behandeld als een verwerving van aandelenopties, ontkennend te worden beantwoord. Doel en strekking van de bepaling in artikel 32bb, zesde lid, van de Wet LB noopt ook niet tot een ander oordeel. De wetgever heeft er bewust voor gekozen om (buiten de voornoemde bepaling voor aandelenopties) geen mogelijkheid tot tegenbewijs op te nemen voor loonbestanddelen die niet in verband staan met het vertrek van een werknemer, mede om moeizame discussies over de redenen en achtergronden van bestanddelen van het loon te voorkomen (zie Kamerstukken II 2007/08, 31 459, nr. 6, p. 12).