ECLI:NL:RBDHA:2019:10101
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen Dublinbesluiten inzake terugname naar Italië
Eisers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin hun asielaanvragen niet in behandeling zijn genomen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. Eisers stelden dat Italië niet langer betrouwbaar is vanwege structurele tekortkomingen in de asielprocedure en opvang, mede door het Salvini-decreet, en dat zij slachtoffer zijn van mensenhandel.
De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, waarbij wordt aangenomen dat Italië zijn verdragsverplichtingen nakomt. Eisers hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Italië tekortschiet in de opvang en behandeling van asielzoekers, ook niet voor kwetsbare personen. De door eisers overgelegde brief van Vluchtelingenwerk bevestigt geen wezenlijke verslechtering na eerdere beoordelingen door de Afdeling bestuursrechtspraak.
Verder is vastgesteld dat eisers tijdens hun vorige verblijf in Italië opvang hebben gehad en dat Italië de aanvragen nu in behandeling zal nemen. Eisers hoeven niet in de gelegenheid te worden gesteld om in Nederland aangifte te doen van mensenhandel, omdat op grond van de wet de Dublinprocedure niet wordt opgeschort voor het doen van aangifte. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De beroepen tegen de Dublinbesluiten worden ongegrond verklaard en de aanvragen worden niet in behandeling genomen.