ECLI:NL:RBDHA:2018:760
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. van Zeben-de Vries
- Rechtspraak.nl
CBR verklaart rijbewijs ongeldig wegens recidiverend alcoholmisbruik ondanks eerdere remissie
Eiser werd in 2005 aangehouden met een te hoog alcoholgehalte en kreeg toen een jaar rijontzegging. Latere keuringen in 2006, 2007 en 2010 toonden remissie van alcoholmisbruik. In 2016 verklaarde het CBR eiser niet rijgeschikt op basis van een psychiatrisch rapport dat alcoholmisbruik in ruime zin vaststelde.
De rechtbank vernietigde in april 2017 het eerdere besluit en beval een nieuw besluit. Na aanvullend psychiatrisch onderzoek in 2017 bleef het CBR bij de conclusie dat alcoholmisbruik recidiveert en dat afwijkende bloedwaarden in 2015 indicatief waren voor hernieuwde problematiek.
De rechtbank oordeelde dat het CBR terecht het bezwaar ongegrond verklaarde, omdat de medische gegevens en de vuistregel omtrent recidief alcoholmisbruik een redelijke grond vormen voor de beslissing. Eiser had geen nieuw bewijs aangeleverd om de diagnose te betwijfelen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het CBR-besluit tot ongeldigverklaring van zijn rijbewijs wegens alcoholmisbruik is ongegrond verklaard.