ECLI:NL:RBDHA:2018:4613
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning en inreisverbod wegens ontbreken mvv en paspoort ondanks gezinsleven
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende man, heeft een aanvraag ingediend voor een reguliere verblijfsvergunning op grond van gezinsleven (artikel 8 EVRM Pro). Deze aanvraag is afgewezen omdat eiser niet beschikt over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en een geldig paspoort, en hij niet in aanmerking komt voor vrijstelling van deze vereisten. Tevens is een inreisverbod van twee jaar opgelegd.
Eiser is in Nederland getrouwd met een vrouw met de Syrische nationaliteit die een asielvergunning bezit, en zij hebben een jonge zoon. De rechtbank toetst of eiser op grond van artikel 8 EVRM Pro vrijstelling van het mvv-vereiste toekomt en of het inreisverbod in strijd is met dit recht. De rechtbank concludeert dat verweerder een zorgvuldige belangenafweging heeft gemaakt, waarbij onder meer is meegewogen dat eiser het gezinsleven is aangegaan terwijl zijn verblijfsrecht al onzeker was, dat zijn vrouw niet voldoet aan het inkomensvereiste, en dat er geen objectieve belemmeringen zijn om het gezinsleven in Marokko uit te oefenen.
De rechtbank acht de belangenafweging niet onredelijk en oordeelt dat geen sprake is van een schending van artikel 8 EVRM Pro. Ook het opgelegde inreisverbod is gerechtvaardigd geacht vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf en het risico op onttrekking aan toezicht. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn verblijfsvergunning en het inreisverbod wordt ongegrond verklaard.