ECLI:NL:RBDHA:2018:3850
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verkorting dienverplichting wegens vertraging opleiding vlieger
Eiser, een militair vlieger in opleiding, heeft vertraging opgelopen in zijn opleiding door bezuinigingen bij Defensie, waardoor zijn opleiding 19 maanden stil lag. Hij verzocht om herziening van de ingangsdatum van zijn dienverplichting en bevordering tot tweede luitenant, met compensatie voor de vertraging.
De minister van Defensie wees dit verzoek af, stellende dat de tienjarige dienverplichting pas ingaat na voltooiing van de opleiding en dat de vertraging door organisatorische redenen niet tot verkorting leidt. De rechtbank overwoog dat de dienverplichting wettelijk is geregeld en dat het rendement van de opleiding pas na afronding begint. Eiser had bovendien tijdens de stillegging opties gekregen, waaronder tijdelijke tewerkstelling, die hij heeft geaccepteerd.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van verweerder niet onredelijk is en dat de compensatiemaatregelen voldoende zijn. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot verkorting van de dienverplichting en vervroeging van de bevordering wordt afgewezen.