Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[de man] ,
Procesverloop
Overwegingen
- het kind woont zelfstandig;
- het kind voorziet in eigen onderhoud.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een meerderjarig kind van Syrische nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. De staatssecretaris wees dit verzoek af omdat de feitelijke gezinsband met de referente, zijn moeder, op het moment van haar vertrek uit Syrië was verbroken.
De rechtbank overwoog dat eiser sinds eind 2012 in Libanon verbleef en op de peildatum in juli 2015 al ruim tweeënhalf jaar niet meer deel uitmaakte van het gezin. Eiser had geen geldige paspoortstatus kunnen aantonen en had zelfstandig gewoond en gewerkt, wat volgens het beleid contra-indicaties zijn voor het voortbestaan van de gezinsband.
Eiser voerde aan dat hij niet vrijwillig was vertrokken en dat de gezinsband niet in overeenstemming met het EVRM en de Gezinsherenigingsrichtlijn was beoordeeld. De rechtbank verwierp deze gronden, oordeelde dat de hoorplicht niet was geschonden en dat de staatssecretaris de individuele omstandigheden voldoende had meegewogen.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. De uitspraak werd gedaan door rechter L.H. Waller op 20 maart 2018.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wegens verbroken feitelijke gezinsband is ongegrond verklaard.