ECLI:NL:RBDHA:2018:2947
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vertrek asielzoeker met onbekende bestemming
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de asielaanvraag van eiser niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling volgens het Dublin-verdrag.
Tijdens de zitting verscheen eiser niet en werd bekend dat hij met onbekende bestemming is vertrokken zonder contact op te nemen met zijn gemachtigde. Volgens vaste jurisprudentie betekent dit dat de asielzoeker geen prijs meer stelt op bescherming in Nederland.
De rechtbank concludeert dat eiser geen belang meer heeft bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen belang meer heeft bij de procedure.