Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 8 maart 2018 in de zaak tussen
de burgemeester van Den Haag, eiser
de Autoriteit Persoonsgegevens, verweerster
Procesverloop
Overwegingen
,behoudens in de Privacyrichtlijn en de Wbp omschreven uitzonderingen, door de lidstaten moet worden verboden. Het artikel verwoordt het algemene uitgangspunt dat de verwerking van bepaalde gegevens, die naar hun aard een “bijzonder” of “gevoelig” karakter hebben, omdat zij worden geacht de kern van de persoonlijke levenssfeer te raken en omdat aan de verwerking ervan voor de betrokkene bijzondere risico’s kunnen zijn verbonden, in beginsel verboden is. In de wetsgeschiedenis bij de totstandkoming van artikel 16 Wbp Pro staat onder meer vermeld