ECLI:NL:RBDHA:2018:2326
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen terugkeerbesluit en inreisverbod wegens risico op onttrekking toezicht
Eiser is door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een terugkeerbesluit opgelegd waarbij hij Nederland onmiddellijk moet verlaten en een inreisverbod van twee jaar is opgelegd. Eiser betwistte dit besluit en voerde aan dat hij geen risico op onttrekking vormt en dat hij als zakenman binnen een maand zou terugkeren naar Moldavië, waar geen visumplicht meer geldt.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft geconcludeerd dat er een risico bestaat dat eiser zich aan toezicht zal onttrekken, gebaseerd op meerdere objectieve criteria zoals het niet beschikken over voldoende middelen, het ontbreken van een vaste verblijfplaats, en het feit dat eiser verdachte is van een misdrijf. De stellingen van eiser werden niet ondersteund door bewijs en waren deels in strijd met eerdere verklaringen.
Verder overweegt de rechtbank dat eiser niet gerechtigd was om zonder visum in Nederland te verblijven omdat hij niet beschikte over voldoende middelen voor verblijf en terugreis. Ook de door eiser aangevoerde zakelijke belangen werden niet aannemelijk gemaakt.
Op grond van deze overwegingen verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst het af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod wordt ongegrond verklaard.