Uitspraak
Rechtbank den haag
de Staat der Nederlanden, meer specifiek:
1.De procedure
2.Het incident tot tussenkomst
3.De feiten
voor de volledigheid”opgemerkt dat een inschrijving terzijde wordt gelegd als uit de wensenuitwerking, of anderszins uit de inschrijving, blijkt dat niet volledig wordt voldaan aan alle eisen.
“Begeleiding en duurzame inzetbaarheid Flexibele Arbeidskrachten”. Over de beoordeling van Wens 3 staat in het PvW het volgende omschreven:
dat de verhouding tussen de bijdrage die de opleiding heeft aan het ontwikkelen en versterken van kennis en competenties van de Flexibele Arbeidskrachten en de eventuele investering van de Flexibele Arbeidskrachten in tijd en/ of geld* realistisch is en
(…)
de Flexibele Arbeidskracht dan wel Inschrijver opleidingskosten draagt, (…)
de opleidingsuren, eventuele toetsmomenten en hiermee gemoeide eventuele voorbereidingsuren plaatsvinden in eigen tijd (dus buiten werktijd) van de Flexibele Arbeidskracht dan wel onder werktijd en indien het laatste het geval is, of en in hoeverre de Flexibele Arbeidskracht wordt doorbetaald door Inschrijver.”
4.Het geschil
5.De beoordeling van het geschil
onder werktijdplaatsvindt, de Flexibele Arbeidskracht deze uren krijgt doorbetaald en waarbij deze uren worden
doorgefactureerdaan de Deelnemende aanbestedende dienst. Daarmee komen de kosten van opleiding van de Flexibele Arbeidskracht anders dan is voorgeschreven in Eis 6.7 deels ook voor rekening van de Deelnemende aanbestedende dienst.