Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 december 2018 in de zaak tussen
[eiser], wonende te [plaats], eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
(…) € 290.085
(…) € 961.438
Rechtbank Den Haag
Eiser exploiteert een coffeeshop en deed voor 2013 aangifte inkomstenbelasting waarbij zelfstandigenaftrek werd toegepast. Na boekenonderzoek en zichtwaarnemingen in 2014 en 2015 legde de Belastingdienst een aanslag en een vergrijpboete op, gebaseerd op een extrapolatie van de waarnemingen naar 2013. De rechtbank oordeelt dat eiser niet aan het urencriterium voldeed en de zelfstandigenaftrek ten onrechte is geclaimd, waardoor de bewijslast omgekeerd is.
De rechtbank stelt vast dat de Belastingdienst de omzet met een factor vier heeft verhoogd op basis van waarnemingen, maar houdt rekening met sluiting van naburige coffeeshops in 2013, waardoor de extrapolatie niet redelijk is. De winstcorrectie wordt daarom verlaagd tot € 650.000 en het belastbaar inkomen vastgesteld op € 597.608.
De opgelegde boete van 50% wordt gehandhaafd voor de zelfstandigenaftrekcorrectie, maar deels vernietigd omdat onvoldoende bewijs is geleverd voor opzet bij de overige correcties. De belastingrente wordt aangepast overeenkomstig de vermindering van de aanslag. Het beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak op bezwaar vernietigd.
Uitkomst: De belastingaanslag wordt verminderd en de vergrijpboete deels vernietigd wegens onvoldoende bewijs van opzet.