ECLI:NL:RBDHA:2018:11871
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Buiten behandeling stellen asielaanvraag wegens niet verschijnen eerste gehoor en opleggen inreisverbod
Eiseres, van Venezolaanse nationaliteit, diende op 24 februari 2018 een asielaanvraag in en verbleef administratief in een AZC te Wageningen, terwijl zij feitelijk elders verbleef. Zij werd uitgenodigd voor een eerste gehoor op 31 juli 2018, maar verscheen niet. Verweerder stelde de aanvraag buiten behandeling omdat eiseres niet binnen twee weken aannemelijk had gemaakt dat het niet verschijnen niet aan haar was toe te rekenen.
Eiseres voerde aan de uitnodiging niet te hebben ontvangen en dat deze naar haar feitelijke verblijfadres had moeten worden gestuurd. De rechtbank oordeelde dat de uitnodiging rechtsgeldig was verstuurd naar het administratieve adres in het AZC en dat eiseres verantwoordelijk was voor het inzien van de correspondentie. Het niet verschijnen kon haar daarom worden toegerekend.
Daarnaast stelde verweerder dat eiseres zich aan het toezicht zou onttrekken, omdat zij onvoldoende meewerkte aan het vaststellen van haar identiteit, geen vaste verblijfplaats had en niet beschikte over voldoende middelen. De rechtbank vond dit aannemelijk en bevestigde het opleggen van een inreisverbod van twee jaar. De rechtbank wees het beroep ongegrond en oordeelde dat het inreisverbod geen onaanvaardbare inbreuk op het gezinsleven vormde, mede omdat de relatie met haar partner niet voldoende was onderbouwd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het buiten behandeling stellen van de asielaanvraag en het opleggen van een inreisverbod.