Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 juni 2017 in de zaak tussen
[eiseres], wonende te [woonplaats], eiseres
(gemachtigde: drs. J. de Vos),
Procesverloop
Overwegingen
Feiten
€ 191.256-/-
Rechtbank Den Haag
Eiseres en haar zwager waren elk voor vijftig procent aandeelhouder van een BV die chocoladewinkels exploiteert. Op 1 januari 2013 schonk de zwager 46 aandelen aan eiseres, waarvoor schenkbelasting werd vastgesteld. De waarde van de aandelen was in geschil: eiseres gebruikte de verbeterde rentabiliteitsmethode, terwijl verweerder de DCF-methode toepaste.
De rechtbank oordeelde dat de verbeterde rentabiliteitsmethode niet ongeschikt is en dat verweerder onvoldoende onderbouwde uitgangspunten voor de DCF-methode hanteerde, waardoor deze methode niet betrouwbaar was. Daarnaast werd het beleggingsvermogen vastgesteld op €191.256 en werd rekening gehouden met belastinglatentie, die in dit geval nihil bleek.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, en stelde de belaste verkrijging vast op €185.093. Tevens veroordeelde zij verweerder in de proceskosten van eiseres en bepaalde dat het betaalde griffierecht aan eiseres wordt vergoed.
Uitkomst: De aanslag schenkbelasting wordt verminderd tot een belaste verkrijging van €185.093 en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.