ECLI:NL:RBDHA:2017:7534
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning zelfstandige wegens gewijzigde economische situatie
Eiser, een Turkse ondernemer met een eenmanszaak sinds 2011, had meerdere aanvragen voor een verblijfsvergunning als zelfstandige ingediend, waarvan eerdere aanvragen waren afgewezen op grond van een negatief advies van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RvO).
In de onderhavige zaak heeft verweerder de aanvraag opnieuw afgewezen op grond van artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), stellende dat geen rechtens relevant novum was aangevoerd. Eiser stelde echter dat er sprake was van een veranderde economische situatie, onderbouwd met een e-mail van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) en een aangepast ondernemingsplan met meer opdrachtgevers.
De rechtbank oordeelde dat de gewijzigde economische omstandigheden en de nieuwe feiten en omstandigheden rondom de levensvatbaarheid van de onderneming wel degelijk een rechtens relevant novum vormen. Verweerder heeft ten onrechte artikel 4:6 Awb Pro toegepast om de aanvraag af te wijzen zonder inhoudelijke toetsing.
Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen acht weken een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen, en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de aanvraag verblijfsvergunning zelfstandige wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een nieuw besluit te nemen.