ECLI:NL:RBDHA:2017:3224
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot schadevergoeding voor kosten rechtsbijstand na vrijspraak
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand en reis- en verblijfskosten van een verdachte die is vrijgesproken van diefstal of verduistering in dienstbetrekking. Het verzoek is ingediend op grond van artikel 591a Sv na het onherroepelijke vonnis van vrijspraak.
De rechtbank is niet gebonden aan de door de advocaat gedeclareerde uren en kan het toe te kennen bedrag matigen op grond van billijkheid. Hoewel de advocaat 23,5 uur tegen een tarief van € 235,00 declareerde, acht de rechtbank een vergoeding voor veertien uur passend, mede vanwege de geringe omvang (19 pagina’s) en complexiteit van het dossier, het aanzienlijke uurtarief, en het feit dat de behandeling enkele keren werd aangehouden en getuigen werden gehoord.
De rechtbank matigt het bedrag tot € 4.777,24 inclusief kantoorkosten en BTW, en kent daarnaast een forfaitair bedrag van € 550,00 toe voor de behandeling van het verzoek. De reiskosten worden eveneens vergoed. Het bedrag wordt ten laste van de Staat toegekend en overgemaakt aan de Stichting Derdengelden VTH Advocatuur.
Uitkomst: De rechtbank kent een gematigde vergoeding van € 4.777,24 toe voor kosten rechtsbijstand en reiskosten na vrijspraak.