ECLI:NL:RBDHA:2017:2781
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Asielaanvraag niet-ontvankelijk wegens ontbreken nieuwe elementen en onvoldoende onderbouwing familieband LTTE
Eiser, een Tamil uit Sri Lanka, heeft meerdere asielaanvragen ingediend die telkens zijn afgewezen. De huidige aanvraag is niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser geen nieuwe feiten of elementen heeft aangedragen. De rechtbank oordeelt dat de documenten die eiser overlegt deels al in eerdere procedures zijn beoordeeld en dat de authenticiteit van sommige documenten niet kan worden vastgesteld.
Eiser stelt dat hij vanwege familiebanden met (vermeende) LTTE-aanhangers risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer naar Sri Lanka. De rechtbank stelt echter vast dat eiser deze familieband niet aannemelijk heeft gemaakt. De enkele stelling dat de Sri Lankaanse autoriteiten deze band wel zullen aannemen, is onvoldoende.
Verder is niet aannemelijk gemaakt dat eiser zich bij terugkeer moet registreren in zijn geboorteplaats en daardoor direct in negatieve belangstelling komt. Ook de overgelegde rapporten en gespreksverslagen bieden geen nieuwe inzichten die tot een ander oordeel leiden.
De rechtbank wijst het beroep ongegrond en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af wegens ontbreken van nieuwe elementen en onvoldoende onderbouwing van familieband met LTTE.