ECLI:NL:RBDHA:2017:2257
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op verblijfsvergunning wegens verantwoordelijkheid Spanje voor asielverzoek
Verzoekster, een Iraakse vrouw die reeds meerdere asielprocedures in Nederland heeft doorlopen, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om haar aanvraag om een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen. Dit omdat Spanje volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van haar asielverzoek.
Verzoekster voerde aan dat zij nieuwe feiten en omstandigheden had, waaronder haar tweede zwangerschap en het feit dat zij een gezin had gevormd, waardoor Nederland de aanvraag alsnog zou moeten behandelen. Tevens stelde zij dat haar echtgenoot in Nederland afhankelijk van haar was en dat zij vanwege haar zwangerschap niet kon reizen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster geen rechtens relevante nieuwe feiten had aangevoerd. De zwangerschap en het gezin vormden geen bijzondere, individuele omstandigheden die een uitzondering rechtvaardigen. Ook was de afhankelijkheid van haar echtgenoot niet met medische stukken onderbouwd. Verder was niet aangetoond dat Spanje zijn internationale verplichtingen niet nakomt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.