Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser], eiser,
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder, gelet op de in het bestreden besluit opgenomen tegenwerpingen, terecht de gestelde homoseksuele gerichtheid en de daarmee verband houdende problemen ongeloofwaardig geacht. Dat verweerder daarnaast niet nader heeft gemotiveerd welke van eisers verklaringen op zich beschouwd wel geloofwaardig zouden kunnen zijn, maakt niet dat verweerder geen integrale geloofwaardigheidsbeoordeling zou hebben uitgevoerd. Ook de ter ondersteuning van de aanvraag overgelegde brief van Veilige Haven leidt niet tot een ander oordeel, nu eiser de gestelde gerichtheid allereerst met zijn eigen verklaringen aannemelijk moet maken.