ECLI:NL:RBDHA:2017:14235
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige bekering en geen reëel risico bij terugkeer naar Afghanistan
Eiser, een Afghaanse man van Hazara afkomst, vroeg asiel aan in Nederland met als grondslag zijn bekering tot het protestantisme en de daaruit voortvloeiende vrees voor terugkeer naar Afghanistan. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van de bekering en het ontbreken van een uitzonderlijke situatie in Afghanistan die bescherming zou rechtvaardigen.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende concreet en gedetailleerd kon verklaren over zijn bekering, waaronder het ontbreken van een duidelijk motief, kennis van het christendom en details over zijn doop. Ook kon hij niet aangeven hoe hij zijn geloof in Nederland invult. Hierdoor achtte de rechtbank de bekering niet geloofwaardig.
Daarnaast stelde de rechtbank vast dat de situatie in Afghanistan, ondanks zorgen, niet zodanig uitzonderlijk is dat terugkeer een reëel risico op ernstige schending van artikel 3 EVRM Pro oplevert. De stelling dat eiser als Hazara bedreigd zou worden door de Taliban werd niet aannemelijk gemaakt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardige bekering en geen reëel risico bij terugkeer.