ECLI:NL:RBDHA:2017:13249
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag en oplegging inreisverbod wegens faciliteren foltering in Gambia
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit en voormalig rechercheur bij de Serious Crimes Unit in Gambia, vroeg asiel aan in Nederland. Hij werd verdacht van betrokkenheid bij het opsporen en overdragen van personen aan de National Intelligence Agency, waar deze personen werden gemarteld. Verweerder wees de asielaanvraag af als kennelijk ongegrond en legde een tienjarig inreisverbod op.
De rechtbank toetste of eiser onder artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag viel, dat personen uitsluit die ernstige niet-politieke misdrijven hebben begaan. De rechtbank oordeelde dat eiser 'knowing and personal participation' had in de misdrijven, omdat hij wist van de foltering en toch personen overdroeg aan de NIA, waarmee hij deze misdrijven faciliteerde.
Eisers beroep op bescherming wegens mogelijke schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer werd verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. Ook zijn beroep op het EU-recht inzake gemeenschapsonderdanen faalde. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het inreisverbod ongegrond en het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen het inreisverbod wordt ongegrond verklaard en het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag niet-ontvankelijk.