ECLI:NL:RBDHA:2017:11724
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen grensbewaring en weigering toegang Nederland afgewezen wegens onttrekkingsgevaar
Twee broers met de Cubaanse nationaliteit dienden op 8 september 2017 een asielaanvraag in aan de Nederlandse grens. De staatssecretaris stelde de besluiten tot weigering van toegang uit en legde een vrijheidsontnemende maatregel op. Op 22 september 2017 werden hun asielaanvragen afgewezen en de toegang definitief geweigerd, waarna zij opnieuw een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd kregen. Tegen deze besluiten stelden zij beroep in bij de rechtbank Den Haag.
Eisers voerden aan dat zij onder de Opvangrichtlijn vallen en dat de opgelegde grensbewaring onrechtmatig is omdat onvoldoende is onderzocht of minder ingrijpende maatregelen mogelijk zijn. Ook stelden zij dat de enige zware grond, het onttrekkingsgevaar, onvoldoende is onderbouwd en dat zij wel over een vaste verblijfplaats en voldoende middelen beschikken.
De rechtbank oordeelde dat de Opvangrichtlijn correct is geïmplementeerd in het Nederlandse recht en dat de staatssecretaris terecht de vrijheidsontnemende maatregel oplegde vanwege het grensbewakingsbelang. Het nieuwe beleid dat nadere toelichting op onttrekkingsgevaar vereist, was nog niet van kracht. Ook is volgens vaste jurisprudentie geen sprake van een vaste woon- of verblijfplaats zonder inschrijving in de Basisregistratie Personen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de grensbewaring en weigering van toegang tot Nederland wordt ongegrond verklaard wegens voldoende gronden voor onttrekkingsgevaar.