ECLI:NL:RBDHA:2017:11482
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid homoseksualiteit en afwijzing beroep
Eiser, een Iraanse nationaliteit dragende man, vroeg asiel aan op grond van vervolging vanwege zijn homoseksualiteit. Hij gaf aan in Iran straf en mishandeling te hebben ondergaan vanwege relaties met mannen. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van de verklaringen over zijn seksuele geaardheid en het zelfacceptatieproces.
De rechtbank onderzocht het beroep en oordeelde dat eiser onvoldoende inzicht had gegeven in zijn bewustwording en acceptatie van zijn homoseksualiteit, hetgeen essentieel is gezien de maatschappelijke context in Iran. De door eiser aangevoerde relatie in Nederland deed hieraan niet af, mede gelet op de korte duur en de omstandigheden van die relatie.
De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris terecht de aanvraag als kennelijk ongegrond had afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardigheid van de homoseksualiteit van eiser.