ECLI:NL:RBDHA:2017:11038
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardige homoseksuele geaardheid
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit bezittende persoon, diende een opvolgende asielaanvraag in met het argument van homoseksuele geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen in zijn land van herkomst. Deze aanvraag werd door de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie afgewezen als kennelijk ongegrond en er werd een inreisverbod van twee jaar opgelegd.
De rechtbank beoordeelde het bewijs en de verklaringen van eiser omtrent zijn seksuele geaardheid en het proces van zelfacceptatie. De verklaringen werden als vaag, tegenstrijdig en onvoldoende concreet beoordeeld. Daarnaast werden de gestelde relaties en de omstandigheden rondom detentie en mishandeling niet aannemelijk geacht. De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht niet geloofde in de opgave van eiser.
De rechtbank verwierp ook het betoog dat onvoldoende rekening was gehouden met psychische klachten en culturele achtergrond. Het beroep werd ongegrond verklaard en het inreisverbod bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardige homoseksuele geaardheid is ongegrond verklaard en het inreisverbod bevestigd.