ECLI:NL:RBDHA:2017:10367
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens ontbreken goede trouw bij restschuld
De rechtbank Den Haag behandelde op 29 augustus 2017 het verzoek van de schuldenaar tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Volgens artikel 288 lid 1 sub b van Pro de Faillissementswet moet de schuldenaar te goeder trouw zijn geweest ten aanzien van het ontstaan en het onbetaald laten van zijn schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek. De rechtbank beoordeelt deze goede trouw aan de hand van alle omstandigheden, waaronder de aard en omvang van de schulden en het gedrag van de schuldenaar.
In de schuldenlijst van de schuldenaar viel een schuld van € 347.337,28 aan Kijkshop B.V. op, die als fraudeschuld werd aangemerkt en buiten de vijfjaarstermijn viel, waardoor deze niet aan toelating tot de regeling in de weg stond. Een andere opvallende schuld betrof een restschuld van € 23.577,83 aan Quion, ontstaan na verkoop van de woning in 2015. Daarnaast bestond een vordering van Stichting Waarborgfonds Eigen Woning (Nationale Hypotheek Garantie) van ten minste € 20.864,37, waarvan onduidelijk was of deze gelijk was aan de schuld aan Quion.
De schuldenaar heeft deze schuld aan Stichting Waarborgfonds Eigen Woning niet toegelicht, terwijl het aan hem was om aannemelijk te maken dat hij te goeder trouw was geweest bij het ontstaan van deze schuld. De rechtbank kon daarom niet aannemen dat de schuldenaar aan deze gedragsnorm voldeed en wees het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens het ontbreken van aannemelijkheid van goede trouw door de schuldenaar.