Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 4 januari 2017 in de zaken tussen
en [eiseres]hierna: eiseres, te Dubai (Verenigde Arabische Emiraten),
Rechtbank Den Haag
Eisers, woonachtig in Dubai en failliet verklaard, vroegen om nieuwe Nederlandse paspoorten. Verweerder weigerde deze op grond van een paspoortsignalering gebaseerd op hun faillissement en het niet nakomen van informatieplicht. Eisers voerden aan dat zij door de weigering hun verblijfsrecht in de VAE verliezen en dat de signalering niet gerechtvaardigd is.
De rechtbank oordeelde dat de Paspoortwet ook toepassing vindt op gefailleerden die zich al in het buitenland bevinden en dat de signalering terecht is opgenomen. De rechtbank stelde vast dat verweerder een marginale toets heeft toegepast en dat de gronden voor weigering onverminderd aanwezig zijn.
De rechtbank verwierp het betoog dat de weigering leidt tot onevenredige benadeling, omdat eisers voldoende tijd hadden om aan hun faillissementsverplichtingen te voldoen en een tijdelijke terugkeer naar Nederland niet onredelijk is. Ook het argument dat de weigering de Nederlandse nationaliteit zou ontnemen en dat sprake zou zijn van discriminatie werd verworpen.
Het beroep op Unierecht en het EVRM faalde eveneens. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de paspoortweigering.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de weigering van paspoorten aan eisers wegens faillissement en niet-nakoming informatieplicht.