ECLI:NL:RBDHA:2016:7891
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir bewijsbeslag wegens schending waarheidsplicht en strijd met goede procesorde
Veolia Transport Nederland Openbaar Vervoer B.V. vordert in kort geding opheffing van conservatoir bewijsbeslag dat de curator in het faillissement van [X] B.V. heeft gelegd op haar schadedossiers. De curator baseert zijn beslag op een vermeende exclusiviteitsovereenkomst en wanprestatie van Veolia.
De rechtbank oordeelt dat het beslagrekest onvoldoende melding maakt van relevante verweren van Veolia en van een eerder gevoerd kort geding, waardoor de waarheidsplicht uit artikel 21 Rv Pro is geschonden. Dit leidt tot strijd met de eisen van een goede procesorde. Bovendien is onvoldoende onderbouwd dat het beslag noodzakelijk is, waardoor het beslag onrechtmatig is.
De rechtbank heft het bewijsbeslag op, beëindigt de gerechtelijke bewaring van de beslagen goederen en verbiedt de curator om opnieuw conservatoir bewijsbeslag te leggen in verband met deze kwestie. De curator wordt veroordeeld in de proceskosten. De vordering van de curator tot verstrekking van afschriften wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.
Uitkomst: Het conservatoir bewijsbeslag wordt opgeheven en de curator wordt verboden opnieuw beslag te leggen in verband met deze kwestie.