ECLI:NL:RBDHA:2016:6470
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardig relaas en onvoldoende bescherming in Irak
Eiser, een Iraakse asielzoeker afkomstig uit Bagdad, diende in oktober 2015 een asielaanvraag in. Hij stelde dat hij vanwege deelname aan vreedzame protesten en daaropvolgende marteling risico liep bij terugkeer naar Irak. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van het relaas.
De rechtbank oordeelde dat het medisch bewijs onvoldoende was om het verzoek tot nader onderzoek te honoreren en dat het asielrelaas inconsistenties bevatte, zoals tegenstrijdige verklaringen over demonstraties en arrestaties. Ook werd gewezen op het feit dat eiser na erkenning door de UNHCR vrijwillig naar Irak was teruggekeerd.
Verder concludeerde de rechtbank dat de situatie in Bagdad niet zodanig gevaarlijk was dat iedere soennitische burger een reëel risico loopt op onmenselijke behandeling. De aangevoerde rapporten boden onvoldoende bewijs voor systematische discriminatie of geweld tegen soennieten.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen een week hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen wegens ongeloofwaardig relaas en onvoldoende risico bij terugkeer.