Eiser woonachtig nabij de nieuwe hoogspanningslijn Zuidring vorderde een hogere tegemoetkoming in planschade dan toegekend door verweerder, de minister van Economische Zaken. Het inpassingsplan voorziet in een 380 kV-hoogspanningsverbinding tussen Wateringen en Zoetermeer, deels bovengronds en deels ondergronds.
Na vernietiging van het oorspronkelijke inpassingsplan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is het plan herzien met een specifieke magneetveldzone. Eiser stelde dat het advies van het door verweerder ingeschakelde adviesbureau onjuistheden bevatte en dat de WOZ-waarde van zijn woning een hogere schade aangaf.
De rechtbank oordeelde dat het adviesbureau op objectieve en onpartijdige wijze het planschadebedrag had vastgesteld en dat de verschillen tussen taxatiewaarde en WOZ-waarde verklaarbaar waren. Het beroep werd ongegrond verklaard, waarmee het bestreden besluit in stand bleef.