ECLI:NL:RBDHA:2016:1671
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen vaststelling einddatum vergoeding medicinale cannabis bij PTSS
Eiser, een voormalig militair met PTSS, verzocht om vergoeding van medicinale cannabis. Na aanvankelijke afwijzing werd bij bezwaar een financiële tegemoetkoming toegekend, maar met een einddatum van 4 maart 2017. Eiser stelde dat de vergoeding levenslang moest zijn vanwege de chronische aard van PTSS en het uitblijven van verbetering.
De rechtbank overwoog dat het gebruikelijk is om bij medische voorzieningen een termijn te stellen en dat de einddatum redelijk is, mede gelet op medische adviezen van verzekeringsarts en behandelend psycholoog. Er is geen aanwijzing dat eiser een levenslange indicatie heeft.
Het beroep is ongegrond verklaard omdat de redelijkheid van de termijn en de noodzaak tot herbeoordeling na afloop ervan niet betwistbaar zijn. Eiser kan bij verlenging een nieuwe medische onderbouwing aanleveren.
De rechtbank zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en wees op het recht op hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot toekenning van vergoeding medicinale cannabis met einddatum is ongegrond verklaard.